Grenzen stellen

Hek grenzen stellen Pexels

Soms doet een ander iets wat je niet prettig vindt. Hij of zij gaat over je grenzen. Wanneer je grenzen stelt, maak je duidelijk wat je wel en niet wilt. Veel mensen vinden het moeilijk om hun grenzen aan te geven. Het is goed om oog te houden voor je grenzen. Hierdoor kun je meer grip krijgen op de balans tussen wat je aankunt en de hoeveelheid werk die je op je neemt. Grenzen stellen en aangeven kan ook goed zijn voor de ander. Je bent minder vaak ge├»rriteerd omdat je niet het gevoel hebt dat je grenzen overschreden worden: en de ander weet waar hij of zij met jou aan toe is. 

Tips om je grenzen te leren kennen en aan te geven

Door het stellen van grenzen kun je aan een ander duidelijk maken wat je wel en niet wilt. En kom je daarvoor op als het nodig is. Maar hoe kom je erachter waar jouw grenzen liggen? En hoe geef je je grenzen vervolgens aan?
 
Leer je grenzen kennen
Je kunt geen grenzen stellen als je je grenzen niet kent. Het is dus belangrijk om voor jezelf na te gaan waar jouw grenzen liggen. Gevoelens van boosheid, irritatie en verdriet kunnen een signaal zijn dat je grens is overschreden. Wees je bewust van deze gevoelens. En sta stil bij wat er aan deze gevoelens vooraf ging. Had je het idee dat de ander te weinig rekening hield met jouw behoeften? Op welk punt precies had je het idee dat je grens werd overschreden? Schrijf je gedachten hierover op papier. Door je ervaringen in kaart te brengen zul je in de loop van de tijd steeds duidelijker aanvoelen waar je grenzen liggen.
 
Leer je grenzen aangeven
Veel mensen vinden het moeilijk om hun grenzen duidelijk aan te geven, maar het valt zeker te leren. Je kunt ervoor kiezen om je grenzen aan te geven op het moment dat deze overschreden worden. Ook kun je een moment kiezen waarop je terugblikt naar een situatie waarin je grenzen overschreden werden.

Door je grenzen aan te geven zorg je ervoor dat de ander weet waar hij of zij aan toe is. Bovendien kan een ander je gedachten niet lezen: als jij niet aangeeft dat je grenzen overschreden worden, heeft de ander het misschien niet eens door.
 
Je grens stellen: Hoe zeg je het?
De manier waarop je je grens aangeeft kan een belangrijke rol spelen in de reactie die je krijgt. Wanneer je de boodschap brengt zoals hieronder beschreven, vergroot je de kans dat je bereikt wat je wilt: dat de situatie verandert zonder vervelende nasleep.
 
De stappen:

  • Vertel de ander je gevoel.
  • Vertel de boodschap vanuit jezelf ("Ik vind het vervelend dat...", "Het irriteert me...")
  • Benoem heel specifiek waarop je reageert: bijvoorbeeld op een bepaalde opmerking of gedraging van de ander. Gebruik geen woorden als ‘altijd’ en ‘nooit’ ('het is altijd hetzelfde met jou'). Het is niet de bedoeling om de persoon aan te vallen, maar om specifiek gedrag te bespreken. Laat de ander in zijn of haar waarde en haal er geen oude voorvallen of meningen van anderen bij.
  • Benoem de gevolgen voor jouzelf. Bijvoorbeeld: ‘Daardoor kon ik niet naar die belangrijke afspraak’.
  • Vertel wat je van de ander wilt. Bijvoorbeeld: 'Wil je de volgende keer met mij overleggen?’. Deze stap zorgt voor een overgang van wat nu niet goed gaat naar een betere situatie in de toekomst.
  • Houd er rekening mee dat de ander zal reageren op wat je zegt. Hij of zij zal bijvoorbeeld uitleg geven of onbegrip tonen. Luister hier ook naar. Je begrijpt hierdoor het perspectief van de ander beter. Door de ander ruimte te geven, zal hij of zij zich gehoord voelen en ook eerder jouw boodschap accepteren. Herhaal indien nodig nog een keer wat je wilt.

Een goed moment
Het is belangrijk een goed moment te kiezen. Wanneer je kookt van woede of bijna moet huilen, kun je beter even wachten met je grens duidelijk maken. Heftige emoties maken het lastig om helder te verwoorden wat je vindt en wilt. Bovendien schrikt het de ander waarschijnlijk af, waardoor je ook niet de reactie krijgt waar je op hoopt. Dit betekent niet dat je je boosheid altijd maar moet inslikken om de lieve vrede te bewaren, maar het is wel handig om over het hoogste kookpunt heen te zijn. Daarnaast is het handig om je grens onder vier ogen aan te geven. Dan is het makkelijker om een vertrouwelijk gesprek aan te gaan.
 
Je houding telt ook mee
Vergeet ook je houding niet. Misschien ben je erg op zoek naar de juiste woorden en kijk je daardoor de ander niet aan. Of je vindt het spannend en kijkt daardoor naar beneden. Je boodschap komt veel beter aan als je de ander in de ogen kijkt. Daarmee geef je aan dat je staat voor wat je zegt. En het is moeilijker te negeren. Je woordkeuze, toon, houding en gezichtsuitdrukking versterken elkaar. Probeer tegenstrijdigheden te voorkomen: zeg bijvoorbeeld niet dat je boos bent met een glimlach op je gezicht.

Oefen

Je wordt steeds beter in grenzen aangeven wanneer je er gericht aandacht aan geeft en oefent. Je kunt voor de spiegel oefenen of met een vriend of familielid. Als dit niet voldoende werkt, kun je ook een training volgen of hulp inschakelen. Tijdens trainingen op het gebied van bijvoorbeeld assertiviteit of stressbestendigheid kun je leren grenzen te stellen.

Ook een psycholoog kan je verder helpen met het leren grenzen aanvoelen en aangeven. Onze hulplijn Korrelatie kan met je meedenken en je verder op weg helpen naar passende hulp (bel 0900-1450 (€ 0,15/min) of ga naar www.korrelatie.nl).

Direct contact met een hulpverlener

Heb je behoefte aan persoonlijke hulp of advies? Neem (anoniem) contact op met een van de medewerkers van onze hulplijn MIND Korrelatie. Je kunt bellen, chatten, Whatsappen of mailen met een van onze psychologen of maatschappelijk werkers.