Verzamelstoornis

Boeken verzamelstoornis Pixabay

Moeite met het wegdoen van bezittingen

Iemand met een verzamelstoornis heeft aanhoudende moeite om bezittingen weg te doen. Dit leidt tot de verzameling van een grote hoeveelheid spullen.
 
Mensen met een verzamelstoornis (in de volksmond ook wel ‘verzamelwoede’ of ‘verzameldrang’ genaamd) hebben een sterk gevoelde behoefte om bepaalde voorwerpen te bewaren. Het wegdoen van deze spullen gaat samen met een gevoel van lijden. De moeite om bezittingen weg te doen leidt tot de verzameling van een grote hoeveelheid spullen. Woonruimtes in het huis van de persoon met de verzamelstoornis komen hierdoor zo vol te staan, dat ze nauwelijks voor hun eigenlijke functie gebruikt kunnen worden.
 
Dwangmatig verzamelen begint op jonge leeftijd en duurt voort tot in de latere levensfasen. In de leeftijd van 11-15 jaar kunnen zich de eerste verschijnselen voordoen. Wanneer de persoon rond de 25 jaar is, kunnen de verzamelverschijnselen de persoon gaan hinderen. Tien jaar later, rond de leeftijd van 35 jaar, kunnen de verschijnselen leiden tot serieuze beperkingen in het dagelijks leven. Verzamelsymptomen doen zich bijna drie keer zo vaak voor bij oudere volwassenen (55-94 jaar) dan bij jongere volwassenen (34-44 jaar). 

Ongeveer 75 procent van de mensen met een verzamelstoornis heeft ook een stemmings- of angststoornis. Ongeveer 20 procent van de mensen met een verzamelstoornis vertoont daarnaast verschijnselen van de obsessieve-compulsieve stoornis. Psychische problemen die samengaan met de verzamelstoornis vormen vaak de voornaamste reden om hulp te zoeken. Mensen met een verzamelstoornis geven zelden uit zichzelf aan dat zij verzamelproblemen hebben.

Wat weet jij over een verzamelstoornis?